Checklist voor de aanleg van een houten terras

Om een kwalitatief houten terras te ontwerpen en te leggen, moet een minimum aan regels worden gerespecteerd:

NORMEN

  • 1. Respecteer de regels en vereisten die gedefinieerd worden in de geldende normen, met name DTU 51.4 Buitenvloeren in hout, NF B54-040 Planken voor buitenvloeren in hout, NF EN 335-1 en NF EN 335-2 Duurzaamheid van hout en van materialen op basis van hout, NF EN 338 Structuurhout – Weerstandsklassen, NF B 52-001-1 Visueel klassement voor het gebruik in structuren van gezaagd houd van Franse hars- en loofbomen.

ONDERGROND

  • 2. Bereid de ondergrond voor in functie van zijn aard en het gekozen concept, waarbij u zorgt voor een perfecte waterafvoer (via afvloeiing of insijpeling).

STRUCTUUR

  • 3. Richt een stevige, stabiele en robuuste structuur op. Een dubbele structuur is aangeraden, vooral wanneer het gaat om een terras op een natuurlijke ondergrond.
  • 4. Maak de structuur waterpas.
  • 5. Bevestig de draagbalken op de geschikte steunen (vloerbalken, betonblokken, polymeerblokken …). Draagbalken die alleen op vloerdragers zijn geplaatst, volstaan niet.
  • 6. Isoleer de draagbalken van de grond of van de betonnen steun met behulp van plastic wiggen, rubberen stoppen of onveranderbare bitumineuze membranen (bij voorkeur met een polyesterarmatuur van het type NÖVLEK®). De waterafvoer zal hierdoor ook verbeteren.
  • 7. Bewaar voldoende afstand tussen de beplating en de grond met het oog op een correcte verluchting van de beplating.

DRAAGBALKEN

  • 8. Gebruik draagbalken in een stabiele houtsoort van klasse 4.
  • 9. Breng een onveranderbare bitumenstrip (bij voorkeur met polyesterarmatuur van het type NÖVLEK®) aan op de bovenkant van de draagbalken om ze tegen vocht te beschermen, om de waterafvloeiing te verbeteren, om een waterdichte voeg te creëren tussen de draagbalken en de planken en om het risico op kromtrekken van de planken te beperken.
  • 10. Zorg ervoor dat de draagbalken minstens 50 mm breed zijn voor het lopende gedeelte van de plank en 70 mm ter hoogte van de twee uiteinden van de tegen elkaar gelegde planken, behalve wanneer men met dubbele draagbalken werkt. Deze oplossing is aanbevolen, waarbij men ervoor zorgt dat de uiteinden van de planken van elkaar verwijderd zijn om de drainering van de kopuiteinden te verzekeren.
  • 11. Respecteer een maximale tussenafstand van 40 tot 45 cm tussen de draagbalken afhankelijk van het type beplating, het hout van de beplating en de dikte van de planken.

PLANKEN

 
  • 12. Gebruik planken die even breed zijn, vervaardigd in hout van klasse 4, zonder spinthout en waarvan de soort als stabiel bekend staat. De vochtigheidsgraad van de planken mag niet meer bedragen dan 18% op het ogenblik van de plaatsing, idealiter benadert deze waarde de gemiddelde evenwichtsvochtigheidswaarde op de locatie waar het terras wordt gelegd. De planken moeten perfect afgewerkt zijn en een verzorgd oppervlak hebben.
  • 13. Dimensioneer de planken met inachtneming van de maximale slankheidsgraad (breedte/dikte) van de houtsoort, zoals gedefinieerd in de norm NF B54-40. Geef de voorkeur aan minder brede planken (max. 120 mm), wat het risico op kromtrekken, vervorming en sterke uitzettings- en krimpbewegingen aanzienlijk beperkt.

BEVESTIGINGEN

 
  • 14. Onzichtbare bevestigingen: gebruik altijd een bevestigingssysteem waarvan de conformiteit door een erkende onafhankelijke instantie (FCBA, WTCB, TCHN, BUtgb) werd beoordeeld en waarvoor volledige en precieze ontwerp- en plaatsingsvoorschriften werden opgesteld, zoals de HardWood Clip®-bevestigingen, die door het FCBA en het TCHN/BUtgb werden beoordeeld en waarvoor specificaties zijn opgesteld. De instructies voor de plaatsing moeten strikt worden opgevolgd.
  • 15. Zichtbare schroeven: gebruik schroeven van topkwaliteit in roestvrij staal A2 of A4, in correcte afmetingen, met verzonken of bolle kop, met dubbele schroefdraad of met afgeronde schroefdraad onder de kop en de torx-indruk.

PLAATSING

 
  • 16. Aligneer de planken met behulp van stijve wiggen van gelijke dikte zodat de planken steeds op gelijke afstand van elkaar liggen.
  • 17. Bepaal nauwkeurig de afstand die bij de plaatsing tussen de planken moet worden voorzien (niet te veel, niet te weinig) in functie van de houtsoort, de vochtigheidsgraad ervan (te meten met een hygrometer met punten), de breedte van de planken en de meest extreme weersomstandigheden op de bewuste locatie. De onzichtbare HardWood Clip®-bevestigingen zijn verkrijgbaar in verschillende maten, wat op ieder ogenblik een adequate en constante afstand garandeert.
  • 18. Sterke vervorming in de lengte van een plank (doorbuiging van de smalle zijde): vermijd om de plank te willen rechten met behulp van een mechanisch systeem. De interne spanningen in het hout zijn zo groot dat de schroeven de vervorming slechts tijdelijk zullen kunnen tegenhouden. Maak daarom aan de onderkant van de plank een insnijding, in de lengte, zodat de spanningen kunnen vrijkomen.
  • 19. Respecteer een buitenrand aan de zijkant van de planken van max. 10 tot 15 mm, met een lengte die varieert tussen 20 mm en maximaal 3 keer de dikte van de plank.
  • 20. Alleen bij zichtbare bevestiging: a) De schroeven perfect uitlijnen met behulp van een touw – b) Voorzichtig schroefgaten in de plank voorboren en uitfrezen – c) De schroeven met zorg indraaien, waarbij u ervoor zorgt dat alle schroefkoppen op dezelfde hoogte komen, namelijk een beetje onder de bovenkant van de planken.
  • 21. Voorzie de nodige toegangsluiken tot de plaatsen die bereikbaar moeten blijven en/of om de ruimte onder het terras te kunnen schoonmaken met een tuinslang of iets gelijkaardigs.

AFWERKING

 
  • 22. Verberg de structuur van het terras met behulp van randplanken, waarbij u ervoor zorgt dat er een minimum aan verluchting mogelijk blijft; zo vermijdt u de ophoping van vocht.